Er zijn twee hoofdsoorten spanningen waarmee we te maken hebben: gelijkspanning (DC) en wisselspanning (AC).

  1. Gelijkspanning (DC): Bij gelijkspanning is de richting van de elektrische stroom constant, wat betekent dat de lading in één richting beweegt. Batterijen en accu’s zijn typische bronnen van gelijkspanning. In gelijkstroomsystemen blijft de polariteit constant, en het wordt vaak gebruikt in elektronische apparaten zoals mobiele telefoons, laptops en sommige vormen van transport, zoals elektrische auto’s.
  2. Wisselspanning (AC): Bij wisselspanning verandert de richting van de elektrische stroom periodiek. De lading beweegt heen en weer binnen het circuit. Wisselspanning wordt vaak gebruikt in het elektriciteitsnet voor de distributie van elektriciteit over lange afstanden. In huizen, bedrijven en industrieën wordt apparatuur vaak gevoed door wisselspanning. Het standaard stopcontact in veel landen levert wisselspanning.

Beide soorten spanning hebben hun eigen toepassingen en kenmerken, en de keuze tussen DC en AC hangt vaak af van de specifieke eisen van een elektrisch systeem. Het elektriciteitsnet gebruikt vaak wisselspanning vanwege de efficiëntie van transmissie en distributie over lange afstanden. Gelijkspanning wordt echter vaak gebruikt in situaties waar constante stroomrichting belangrijk is, zoals in elektronische apparaten.